Andrew Groeneveld: Op de koffie bij de vijand
19-02-2015 09:59:00 | Hits: 5468 | columnist: Andrew Groeneveld | Tags:

Toen onlangs een gewapende jongeman de NOS-studio van dichtbij kwam bekijken, moest de complete avondploeg van het journaal naar buiten, de vrieskou in. Gelukkig mochten ze even opwarmen bij de buren van RTL, die hun kantine openstelde en de concurrent liefdevol trakteerde op koffie met koek.

Het was vervreemdend. Het zag eruit alsof Dione de Graaf net aan een bankroof was ontsnapt en door een handvol commerciële heilsoldaten bij elkaar moest worden gelapt. De onderliggende boodschap was duidelijk: ook al werpen wij de blauwbekkende NOS-collega’s zakelijk gezien het liefst terug naar de ijstijd, in tijden van menselijke nood laten wij van RTL ze natuurlijk niet in de kou staan.

Als publieke en commerciële omroepen iets samen doen is dat erg ongewoon en doorgaans heel spontaan. De mediawet schrijft immers voor dat de bolwerken te allen tijde de kaas van elkanders brood moeten eten. Zo hebben we dat nu eenmaal geregeld. Uithangborden van beide kampen delen slechts gebroederlijk een tv-scherm wanneer Haïti weg beeft of een tsunami Zuidoost Azië te pakken krijgt.

Dergelijke tv-momenten beitelen dan ook meteen een karrespoor in het collectieve geheugen. Ze roepen een beeld op van zeldzame saamhorigheid, zo van: wij denken niet alleen aan onszelf, maar steken de handen uit de mouwen als de nood aan de man is. De dag erop is het uiteraard weer ieder voor zich, en vertrappen ze elkaar als vanouds met 6 camera’s bij dezelfde persconferentie.

In dat licht kwam hoofdredacteur Luc Rademakers van de Vlaamse VRT deze week met een interessante gedachte. Hij stelde voor dat commerciëlen en publieken in het gezamenlijke Nederlandse taalgebied veel vaker de handen ineen zouden moeten slaan. Dus niet meer incidenteel, maar structureel. Zijn theorie: het Nederlandse taalgebied is veel te klein voor dit soort familieruzies en verdient bescherming.

Volgens Rademakers plukken grootmachten als Google, Amazon, HBO, Netflix en Youtube van bovenaf de mediamarkt leeg als een bende sprinkhanen. Nieuw marktonderzoek geeft hem volkomen gelijk. Het aantal tv-kijkers in de leeftijd van 18-34 jaar – belangrijk voor adverteerders – nam het afgelopen jaar af met 10,6%. In Amerika zelf holt het traditionele televisie kijken sinds 2012 met 4% per jaar achteruit.

Aan de onderkant van de markt gebeurt min of meer hetzelfde. Online platforms met (hyper) lokale binding en content groeien als kool. Als termieten veranderen ze de oude fundering van het bestel in drijfzand.

En zie, alsof er weinig aan de hand is voeren wij achter het glas van een behaaglijke kaasstolp onze kansloze strijd in de marge, concludeert Rademakers. Wat er op den duur gebeurt is volgens de Vlaamse hoofdredacteur simpel: het gaat fout. Dus, opperde hij, denk mee: laten we de boel eens op een hoop gooien en samen een vuist maken!

Onmiddellijk kreeg de VRT-baas een lading kritische vragen over zich heen. Concurrentie is toch cruciaal voor kwaliteit en efficiëntie? De mediawet is er toch niet voor niks? Hoe anders moet je het publieke domein en het recht op belangeloze informatie veiligstellen? Bovendien, hoe moet je het in vredesnaam regelen met partijen, waarvan de één subsidie krijgt en de ander de eigen broek moet ophouden? Kortom Luc, wordt wakker, voor dit soort overpeinzingen is de realiteit gewoon veel te ingewikkeld.

Helaas had Rademakers niet meteen een pasklaar antwoord paraat. Concrete voorbeelden van nieuwe samenwerking kwamen maar mondjesmaat over zijn lippen. Goed, hij noemde er één: de onderzoeksjournalistiek. Samen de onderste steen opgraven is een omroep-overstijgend maatschappelijk belang, stelt hij. Alleen met vier handen op één buik komt er een adequaat antwoord op het krimpende budget voor journalistiek handwerk, en wordt het publiek beter bediend.

Hij heeft natuurlijk volkomen gelijk. Toch durf ik de stelling aan dat zijn woorden binnen een week vergeten zijn. Omroepen redeneren namelijk van nature vanuit eigen belang. Al die directeuren en raden van toezicht rechtvaardigen ermee hun aanwezigheid. Een logische reflex. Je kunt ook zeggen dat onzekerheid over de toekomst de levensader is voor wie zijn achterban wil doen geloven dat ontsnappen mogelijk is.

Maar vroeg of laat valt er niet meer te ontkomen aan het online-kalifaat van de Amerikaanse grootmachten. Dan wordt het begrip omroep bijgezet in een stoffig museum van aardigheden, die er ooit waren. In een vitrine naast het opwindbare horloge, het toetsenbord dat klikjes maakt, en een mooie doos Scrabble.

Luc, helaas. Ergens is het nog te vroeg voor visie.

 

 

Andrew Groeneveld is schrijver en bedrijfsjournalist.

 

 Volg het Nederlands MediaNetwerk op Twitter

 Word lid van de Nederlands MediaNetwerk Groep op LinkedIn

 Vacatures in media en marketingcommunicatie